20251020 - 1

Wat is een liquidatiereserve en wanneer loont het om die uit te keren?

De liquidatiereserve is al jaren een slimme manier voor kmo-vennootschappen om belastingvriendelijk winst te reserveren voor later. Maar recent zijn de spelregels veranderd. En dat zorgt voor vragen: Keer ik nu versneld uit tegen 6,5%? Of wacht ik toch liever op het tarief van 5%?

In deze blog zetten we alles op een rij - zodat jij strategisch de juiste keuze maakt.

Liquidatiereserve: wat is het?

Een liquidatiereserve is een bijzondere reserve die kmo-vennootschappen sinds 2014 kunnen aanleggen op hun na-belaste winst. Die reserve is bedoeld als buffer bij een latere vereffening van de vennootschap - maar kan ook als dividend worden uitgekeerd.

Het principe? Op het moment van de aanleg betaal je 10% belasting extra bovenop de gewone vennootschapsbelasting. In ruil daarvoor kan je het bedrag later, mits een wachtperiode, tegen een verlaagd tarief van 5% roerende voorheffing uitkeren als dividend. Of zelfs helemaal belastingvrij, als je wacht tot bij de vereffening.

Wat verandert er aan de liquidatiereserve vanaf 2025?

Tot nu gold voor een uitkering van een liquidatiereserve het volgende:

  • Binnen 5 jaar uitkeren = 20% roerende voorheffing
  • Na 5 jaar uitkeren = 5% roerende voorheffing
  • Bij vereffening = 0% roerende voorheffing

Maar sinds 29 juli 2025 wordt dit regime afgestemd op de regels van het vvpr-bis-stelsel. Wat betekent dit in de praktijk?

👉 Nieuwe liquidatiereserves (vanaf boekjaar 2025) kunnen al na 3 jaar worden uitgekeerd, maar wél aan een iets hoger tarief: 6,5% roerende voorheffing.

👉 Voor bestaande reserves (bijv. van boekjaar 2020 of 2021) krijg je de keuze:

  • Ofwel hanteer je het oude regime (wachten tot 5 jaar, 5% roerende voorheffing)
  • Ofwel stap je over op het nieuwe regime en keer je uit vanaf 3 jaar, aan 6,5%

Liquidatiereserve versneld uitkeren: slim of niet?

Heb je een liquidatiereserve van bijvoorbeeld boekjaar 2020? Dan kun je die vanaf nu die al uitkeren tegen 6,5%. Maar… als je wacht tot 1 januari 2026, zakt dat tarief naar 5%. Je bespaart dan 1,36% op de roerende voorheffing.

💡 Onze tip: heb je het geld niet dringend nodig? Wacht dan die extra paar maanden. Het levert je netto meer op.

En belangrijk: je moet altijd de oudste liquidatiereserve eerst uitkeren. Je kan dus niet eerst die van 2021 versneld uitkeren, en dan die van 2020 aan het lagere tarief.

Liquidatiereserve en vereffening: belastingvrij?

Ja, als je de liquidatiereserve pas opneemt bij de vereffening van je vennootschap, dan is er geen roerende voorheffing verschuldigd. De voorwaarde? De reserve moet correct aangelegd zijn én je moet effectief tot vereffening overgaan.

Voor managementvennootschappen die op termijn stoppen, kan dit een fiscaal interessante strategie zijn. Maar plan je om je vennootschap over te dragen of aan je kinderen te schenken? Dan vervalt die piste.

Liquidatiereserve en dividenden: wat met bijkomende voorwaarden?

Let op bij een versnelde uitkering:

  • Je hebt een bijzondere algemene vergadering nodig om het dividend formeel toe te kennen.
  • Een gewone jaarvergadering (voor 30 juni) is dus niet voldoende.
  • Zonder juiste toekenningsdatum betaal je alsnog het hogere tarief van 20%.

Liquidatiereserve en jouw strategie: hoe beslis je?

Elke situatie is anders. Daarom is het belangrijk om de juiste vragen te stellen:

  • Heb je het geld privé nú nodig?
  • Plan je een vereffening op termijn?
  • Wil je je vennootschap schenken of verkopen?
  • Past een alternatieve dividendstrategie beter bij je doelen?

Een overzichtelijke vuistregel?
👉 Versneld uitkeren is alleen interessant als je het geld echt nodig hebt.

Liquidatiereserve: concreet voorbeeld

Liquidatiereserve boekjaar 2020 - Uitkering in 2026

  • Inbreng: €146.666 winst vóór belastingen
  • 25% vennootschapsbelasting: €36.667
  • 10% heffing bij aanleg: €10.000
  • Netto liquidatiereserve: €100.000
  • Uitkering na 5 jaar: 5% roerende voorheffing = €5.000
  • Netto dividend: €95.000
  • Totale belastingdruk: 35,23%

Conclusie: liquidatiereserve verstandig inzetten

De liquidatiereserve blijft een nuttig instrument om winsten fiscaalvriendelijk opzij te zetten. Maar door de nieuwe regels verandert het moment van uitkeren mee met je strategie.

Twijfel je tussen versneld uitkeren of nog even wachten? Contacteer onze Tudors voor advies op maat.

 

20251201 - 1

Begrotingsakkoord 2026: wat verandert er voor jouw managementvennootschap?

Na weken van onderhandelingen ligt het er eindelijk: het begrotingsakkoord 2026. De federale regering haalt 9,2 miljard euro binnen via een combinatie van nieuwe belastingen en besparingen. Maar wat betekenen die maatregelen nu écht voor jou als ondernemer, zeker als je werkt met een managementvennootschap?

Bij Tudors Accountancy analyseren we elke wijziging met een heldere blik. In deze blog leggen we je uit wat verandert, waar je op moet letten en hoe je je best voorbereidt.

Begrotingsakkoord 2026: dividendtarief stijgt naar 18%

Een opvallende wijziging in het begrotingsakkoord is de verhoging van de roerende voorheffing op dividenden van 15% naar 18%. Dit geldt ook voor dividenden uit liquidatiereserves. Heb je een managementvennootschap en overweeg je een dividenduitkering? Dan kan het zinvol zijn om dat nog in 2025 te doen aan het huidige lagere tarief.

Wat dit concreet betekent:

  • de algemene belastingdruk stijgt licht.
  • tijdig dividend plannen vóór 31/12/2025 kan fiscaal voordelig zijn.
  • elke situatie is anders: laat je goed adviseren.

Impact van het begrotingsakkoord op sociale voordelen

Wie zichzelf een laag loon uitkeert om fiscale optimalisatie na te streven, krijgt minder speelruimte. Voortaan worden roerende inkomsten meegeteld bij de beoordeling van sociale voordelen (zoals tegemoetkomingen of premies). Die maatregel wil misbruik tegengaan.

Tip van onze Tudors: bij ons vertrekken we altijd vanuit je levensstijl. Wat heb je nodig om goed te leven? Dát bepaalt je loon. Van daaruit optimaliseren we fiscaal.

Managementvennootschap blijft interessant, maar drempel schuift op

Een veelgestelde vraag: “Vanaf wanneer loont een managementvennootschap zich nog?”

Vroeger was dat al interessant vanaf een bruto inkomen van ongeveer €4.500 per maand. Door het begrotingsakkoord schuift die grens licht op naar zo’n €4.550.

De conclusie? Het blijft een slimme keuze - zeker bij hogere inkomens - maar de instap wordt iets selectiever.

Wat betekent het begrotingsakkoord voor jou op privé-vlak?

Het begrotingsakkoord 2026 brengt ook andere fiscale wijzigingen mee die je persoonlijk kunnen raken:

  • gas wordt duurder, elektriciteit wordt iets goedkoper.
  • effectentaks stijgt van 0,15% naar 0,30% voor vermogens boven €1 miljoen.
  • pakjestaks van €2 op bestellingen bij niet-EU-webshops.
  • btw-verhogingen op o.a. vliegtickets.

Al deze elementen kunnen ook je private financiële planning beïnvloeden.

Begrotingsakkoord vs loondienst: een vergelijking

Voor werknemers boven €4.000 bruto geldt voortaan een “centenindex”: enkel dat bedrag wordt geïndexeerd.

Bij een managementvennootschap blijft je fee wél volledig onderhandelbaar. Dat geeft ondernemers meer controle en flexibiliteit over hun loonontwikkeling en vermogensopbouw.

Wat blijft er overeind?

Het begrotingsakkoord 2026 maakt sommige voordelen iets minder voordelig, maar verandert niets aan de kern van het verhaal: een managementvennootschap blijft een krachtige tool voor wie zijn of haar inkomsten strategisch wil beheren.

  • Je behoudt de vrijheid om jezelf te verlonen zoals het jou past.
  • Je bouwt gestructureerd aan vermogen.
  • Je optimaliseert op jouw tempo - zonder rigide beperkingen.

Conclusie: wat betekent het begrotingsakkoord voor jouw vennootschap?

De begrotingsmaatregelen zijn geen reden tot paniek, maar wel een uitnodiging tot actie. Wil je nog dividenden uitkeren tegen het oude tarief? Of wil je weten of een vennootschap voor jou (nog) de juiste keuze is?

Contacteer ons: we maken je cijfers inzichtelijk, denken strategisch mee en zorgen dat je voorbereid bent op 2026 - en de jaren erna.

©  Tudors Accountancy BVBA